Bij een ondernemer of directeur-grootaandeelhouder is de alimentatieberekening complexer. Het inkomen staat niet op een loonstrook. We leggen uit hoe het werkt.

Bij een werknemer is het netto inkomen eenvoudig te lezen van een loonstrook. Bij een ondernemer of dga is dat anders. Een ondernemer kan zelf bepalen hoeveel winst hij uitkeert, hoeveel hij reserveert in de onderneming en hoeveel hij privé opneemt. Dit maakt het lastig om het beschikbare inkomen voor alimentatie vast te stellen.
De rechtspraak hanteert het principe dat een ondernemer zijn inkomen niet kunstmatig laag mag houden om alimentatie te ontwijken. De rechter kijkt naar wat de ondernemer redelijkerwijs kan verdienen zonder de continuïteit van de onderneming in gevaar te brengen.
Bij een eenmanszaak, vof of maatschap kijkt de rechter doorgaans naar de gemiddelde winst van de afgelopen drie jaar uit de jaarstukken. Eenmalige opbrengsten of kosten worden gecorrigeerd. Het uiteindelijke bedrag wordt omgerekend naar een netto maandinkomen.
De rechter houdt ook rekening met:
Een directeur-grootaandeelhouder (dga) bezit minimaal 5% van de aandelen van zijn of haar BV. De dga betaalt zichzelf een salaris uit de BV. De Belastingdienst stelt een minimum gebruikelijk loon vast (in 2026: minimaal €58.000 bruto per jaar). Dit gebruikelijk loon vormt het minimale uitgangspunt voor de alimentatieberekening.
Als de dga zichzelf minder betaalt dan het gebruikelijk loon, kan de rechter toch uitgaan van het hogere bedrag. Dividend en winstuitkeringen kunnen ook als inkomen worden beschouwd als de dga die naar eigen inzicht kan bepalen.
De rechter beoordeelt de jaarstukken van de onderneming, de privéopnames en het verloop van de winst over de afgelopen jaren. Bij grote schommelingen wordt gekeken naar een meerjaarsgemiddelde. De rechter kan ook een accountantsrapport opvragen of een deskundige benoemen.
Wil je een indicatie op basis van jouw opgegeven inkomen?
Bereken gratis je indicatieTweehuizenhulp berekent de indicatie op basis van het netto inkomen dat je opgeeft. Bij ondernemersinkomen is dit een startpunt, geen definitief bedrag. Het rapport vermeldt expliciet dat er bij ondernemersinkomen maatwerk nodig is en adviseert een specialist te raadplegen. Gebruik de indicatie als basis voor het gesprek met een mediator of advocaat.
Een verliesjaar kan meewegen, maar de rechter kijkt naar het meerjaarsgemiddelde. Een eenmalig verlies heeft minder gewicht dan een structureel verliespatroon. De rechter beoordeelt ook of het verlies het gevolg is van zakelijke omstandigheden of van bewuste keuzes om de draagkracht te verlagen.
Ja, een lease-auto van de zaak die ook privé wordt gebruikt, wordt als inkomen beschouwd. De bijtelling wordt opgeteld bij het inkomen voor de alimentatieberekening.
Als de BV structureel verlieslatend is en er geen privémiddelen beschikbaar zijn, kan de draagkracht inderdaad laag zijn. Maar de rechter beoordeelt kritisch of er sprake is van reëel verlies of van winstverschuiving. Laat dit beoordelen door een specialist.
Voor een ondernemer kijkt de rechtspraak naar het gemiddelde inkomen over de afgelopen drie jaar. Voor een DGA gaat het om salaris plus dividenduitkeringen.
De rechter kan rekening houden met een redelijk inkomen dat de ondernemer zou kunnen verdienen. Bewust verlagen wordt als niet-bonafide beschouwd.
Voor een directeur-grootaandeelhouder wordt gekeken naar het totaal van salaris en dividenduitkeringen. Ook uitkeerbaar vermogen in de BV kan meewegen.
Jaarrekeningen van de afgelopen drie jaar, belastingaangiften, dividendbesluiten en een actueel overzicht van bedrijfsresultaten.
Ja. Een aantoonbare en significante daling is een wijziging van omstandigheden op basis waarvan de rechter de alimentatie kan aanpassen.
De rechtspraak gebruikt dan het gemiddelde over drie jaar. Bij uitzonderlijke jaren kan worden afgeweken van dit gemiddelde.
Ja. Voor zzp'ers wordt het gemiddelde van de afgelopen drie jaar winst uit onderneming gebruikt.
Als een DGA bewust een laag salaris uitkeert terwijl de BV winst maakt, kan de rechter toch rekening houden met het uitkeerbare bedrag.
In bepaalde gevallen wel, maar de rechter weegt af of de opbouw redelijk is gezien de alimentatieplicht.
Ja. Bij een geschil kan de rechter inzage eisen. Weigering kan in het nadeel van de ondernemer werken.
Pieter is zzp'er en verdient gemiddeld €3.200 netto per maand over de afgelopen drie jaar. Hij betaalt €480 per maand alimentatie. In het lopende jaar verdient hij door een grote opdracht €80.000. Zijn ex vraagt wijziging. De rechter gebruikt het nieuwe driejaarsgemiddelde inclusief het goede jaar. De alimentatie stijgt naar €620 per maand. Advies: houd als ondernemer bij hoe je inkomen zich ontwikkelt.
De berekening volgt de standaardmethode. In de volgende situaties kan de uitkomst afwijken:
Gratis indicatie in vijf minuten. Geen e-mail nodig, geen account.